Hoe weet ik of mijn kind problemen heeft met zijn prikkelverwerking?

Kinderen met prikkelverwerkingsproblemen lijken zich vaak anders te gedragen dan men verwacht. Hun gedrag wordt als vreemd, onaangepast, extreem, wisselend, … ervaren.
Hun brein kan prikkels minder goed organiseren. Het valt niet te verwonderen dat het niet bij iedereen even vlot verloopt als je weet dat we miljoenen prikkels per seconde te verwerken krijgen.

Wat zie je dan bij je kind?

Juist omdat er een sterke samenhang is tussen de verwerking van zintuiglijke prikkels en gedrag, zal hun gedrag minder georganiseerd overkomen. Dit kan zich op een heel verschillende manieren uiten.

Een aantal voorbeelden:

  • Je kind maakt veel lawaai, is wilder en onbeheerster of het is rustiger, schuchter, onzeker en observeert liever wat anderen doen.
  • Je kind wordt snel boos en/of luisteren niet.
  • Je kind komt onhandig over, struikelt vaak en maakt speelgoed stuk.
  • Zich alleen bezighouden is moeilijk.
  • Van aanrakingen houdt je kind niet of het gaat er juist naar op zoek.
  • Spreken komt trager op gang en het is onduidelijker wat je kind zegt of het verdraait woorden.
  • Je kind praat liever dan te handelen of het handelt impulsief zodat het vaak gevaarlijk is wat het doen.
  • Op harde en/of onverwachte geluiden wordt negatief gereageerd of je kind maakt wel zelf graag harde geluiden. Sommigen genieten van vreemde geluiden.
  • Voor bepaalde smaken en geuren heeft je kind een voorkeur of het loopt weg bij bepaalde geuren.
  • Als kleuter wil/wou je kind niet tekenen en knutselen en kan/kon het niet eten zonder te morsen.
  • Stil zitten en zich op iets concentreren is heel moeilijk.
  • Op school heeft je kind problemen met schrijven, lezen of rekenen alhoewel het niet aan de intelligentie ligt.
  • Met leeftijdsgenoten loopt het niet zo vlot, je kind is een buitenstaander of clown.

Hoe merk je het op?

Als ouder of begeleider voel al vlug dat je kind een beetje anders is dan leeftijdsgenoten. Het is vaak moeilijk onder woorden te brengen en toch hebben ze het in het dagelijks leven moeilijker.
Als ouder krijg je ook vaak commentaar van anderen die denken dat het aan de opvoeding ligt. Soms wordt je kind ook als boosaardig, agressief, lui of dom beschouwd. Sommigen zeggen ook dat het er wel zal uitgroeien.

Kan het samen met andere problematieken voorkomen?

Het kan zeker voorkomen met andere problematieken zoals bv. autisme, ADHD (attention deficit hyperactiv disorder), NAH (niet aangeboren hersenletsel), een verstandelijke beperking, leerproblemen …

Wat kan je er aan doen?

Het is best om in kaart te brengen welke zintuiglijke prikkels je kind goed verwerkt en welk zintuiglijk systeem voor problemen of onaangepast gedrag zorgt. Het kan ook zijn dat een combinatie van prikkels voor moeilijkheden zorgt. Zelden is het zo dat alle zintuiglijke informatie voor problemen zorgt.

Als je hierbij hulp wil, kan je iemand gespecialiseerd in prikkelverwerking / sensorische informatieverwerking raadplegen (zie bv. https://www.praktijkvoorergotherapie.be/)

Als professional kan je eens kijken naar cursussen over sensorische informatieverwerking (zie bv. https://www.praktijkvoorergotherapie.be/events/)

Interessant voor jou…