Aandacht houden in de klas en prikkelverwerking

Heb je er al eens bij stil gestaan dat prikkelverwerking en aandacht houden in de klas met elkaar te maken kunnen hebben?
In iedere klas zijn er kinderen met aandachts- en concentratieproblemen. Als dit met hun prikkelverwerking te maken heeft, kan zich dit in heel verschillend gedrag uiten: wiebel-friemelkinderen, die vaak snelst opgemerkt worden of afwezige dromers.

Hoe uiten zich problemen met aandacht houden vanuit de prikkelverwerking?

  • Sommige kinderen die moeite hebben om op te letten in de klas wiebelen, friemelen, grijpen naar hun buren, of ze raken voortdurend iets aan …
  • Er zijn ook kinderen die zichzelf in gevaarlijke situaties brengen omdat ze gewoon niet opletten, overal tegen lopen of botsen, van hun stoel vallen …
  • Kinderen die worstelen om bij hun taak te blijven. Het kind dat constant dingen verliest, zijn pen laat vallen … Kinderen die voortdurend vragen: “Wat?” of ze kunnen geen aanwijzingen omzetten als ze een verbale opdracht krijgen …
  • Andere kinderen komen niet in actie, hun alertheid is te laag, ze lijken ergens anders te zijn…
  • Het kan ook zijn dat kinderen die telkens opnieuw bij de les gehaald moeten worden problemen hebben met prikkelverwerking. Elke keer als ze een taak moeten doen weten ze niet wat de opdracht is omdat ze steeds afgeleid worden door bepaalde prikkels zoals geluiden, beweging om zich heen, dorst, honger, …
  • Je hoort van de ouders dat ze ’s avonds heel moe en lastig zijn. Het kan zijn dat dit kind zich meestal voorbeeldig gedraagt in de klas en slechts af en toe een uitbarsting heeft omdat het zó hard zijn best doet om gewoon zoals de anderen te zijn in de klas.

Aandacht houden in de klas is een grote uitdaging voor kinderen.

Kinderen hebben maar een beperkte capaciteit tot hun beschikking om prikkels te verwerken. Dit wil zeggen dat er een selectie moet gemaakt worden uit al de prikkels die op hen afkomen om zich te kunnen focussen op de taak die de leerkracht geeft. Voor het ene kind is het vooral moeilijk om de prikkels uit zijn eigen lichaam te verwerken en voor een ander kind kunnen het de prikkels uit de omgeving voor problemen zorgen.


Er is een zekere hoeveelheid prikkels nodig om je aandacht te richten op je taak en erbij te blijven. Teveel aan prikkels, overprikkeling, of een te kort aan prikkels, onderprikkeling, bemoeilijkt het richten van de aandacht op de leertaak in de klas. Het is een leerproces om de juiste zintuiglijke prikkels door te laten en de andere af te remmen. Jonge kinderen moeten bv. sterker begeleid worden bij het omgaan met prikkels die hen afleiden dan oudere kinderen en kunnen minder lang hun aandacht bij hetzelfde houden.

Aandacht en prikkelverwerking in de klas.

Bij ieder kind verloopt de prikkelverwerking in de verschillende zintuigen een beetje anders. Het kan zelfs van moment tot moment verschillen. Bovendien heb je ook niet voor elke taak hetzelfde alertheids/aandachtsniveau nodig.
Elk kind kan op bepaalde momenten zijn aandacht zelf reguleren. Het is maar als het wat moeilijker loopt dat de leerkracht ondersteuning dient te bieden.
Als een kind zijn aandacht niet kan houden is het belangrijk om te bekijken wat wel helpt en wat ervoor gebeurde. Zo hebben bv. voldoende/onvoldoende slaap, een emotionele gebeurtenis invloed op de prikkelverwerking en dus ook op waar iemand zijn aandacht naartoe gaat. Het kan ook zijn dat er net een vlieg voorbij vloog of het kind naast hen lawaai maakte, …


Tijdens een les wordt er vooral geluisterd, gekeken en ook geschreven. Er zijn dus zintuigen die weinig aan bod komen. Als je enkel moet luisteren en kijken zijn de prikkels ook maar kort aanwezig en moeten ze direct verwerkt worden. De informatie van gesproken taal of een beeld dat weggehaald wordt, is voor sommige kinderen maar moeilijk terug te halen. Als er daarentegen nog extra zintuigen worden ingeschakeld, komt de informatie beter door. Sommige kinderen helpt het om te mogen tekenen wat de leerkracht vertelt, anderen helpt het door iets te mogen vastpakken enz.

Wat kan je doen?

Om het aandacht houden in de klas te stimuleren kan je strategieën bedenken die tegemoet komen aan de behoeften van je groep of een specifiek kind. Elke leerkracht heeft ervaring met strategieën die werken. Begin hier aandacht aan te geven en zet ze ook doelgericht in. Let ook op het verschil tussen activiteiten die de alertheid verlagen of verhogen.

En verder kan je bijvoorbeeld…

  • Beweging toevoegen. Dit is de gemakkelijkste manier om voor elk kind iets bij te dragen. Het is ook wetenschappelijk bewezen dat bewegen tijdens leeractiviteiten een positief effect heeft op het leren.
  • Kijk maar naar jezelf als leerkracht. Jij bent zelf vaak in beweging. Je loopt heen en weer, gaat zitten, hurkt bij een kind. Heb je er al eens bij stil gestaan hoe dit je alertheid en aandachtsspanne beïnvloedt?
  • Voldoende zintuigen prikkelen. Terwijl je iets vertelt, kan je ook iets laten zien of ervaren. Je kan de kinderen ook in groepjes aan het werk zetten waarbij ze in interactie gaan met elkaar en verschillende zintuigen mogen gebruiken.
  • Iets met humor vertellen. De overprikkelde leerling kan zich even ontladen en de onderprikkelde leerling komt in actie.
  • Alertheid kan je verhogen door afwisseling te brengen in activiteiten of werkwijzen, onverwachte dingen te laten gebeuren door bv. opeens stiller of luider te spreken, spanning te verhogen door bv. een wekker te gebruiken, te laten drinken, rond lopen, iets gaan halen, …
  • Als kinderen te druk zijn kan je de alertheid verlagen door langzamer te spreken, langzaam te bewegen, rustige muziek op te zetten, extra bewegingsmomenten te creëren, frisse lucht, …
  • Je eigen prikkelverwerking bekijken en de invloed op je leerlingen.
  • Iets lezen of een cursus volgen over prikkelverwerking/ sensorische informatieverwerking/sensorische integratie om je te laten inspireren. zie bv. https://prikkelsomtegroeien.maatos.nl/alle-online-cursussen/.

Interessant voor jou…